Onkostenvergoeding

Vrijwilligers kan een vergoeding worden gegeven voor de kosten die te maken hebben met het vrijwilligerswerk. Het kan een vergoeding zijn van de werkelijk gemaakte en aangetoonde kosten. Het kan ook een vast bedrag zijn, de zogenaamde forfaitaire vergoeding, voor kosten die niet aangetoond hoeven te worden. Voor de vaste onkostenvergoeding is een maximum van € 150,- per maand tot € 1500,- per jaar vastgesteld. Daarbij geldt tevens dat de onkostenvergoeding niet in verhouding mag staan met de geleverde arbeid (niet-marktcomform). M.a.w. Dus geen €150,- voor maar enkele uurtjes vrijwilligerswerk per maand. Mensen met een bijstandsuitkering mogen maximaal € 95,- per maand als vaste onkostenvergoeding ontvangen tot een maximum van € 764,- per jaar zonder dat dat invloed heeft op de uitkering. Wanneer het vrijwilligerswerk het vinden van een betaalde baan bevordert, kunnen gemeenten besluiten dat de bijstandsgerechtigde ook een onkostenvergoeding mag ontvangen van € 150,- per maand tot een maximum van € 1500,- per jaar. Het is niet verplicht vrijwilligers een onkostenvergoeding te betalen. Dat moeten (vrijwilligers)organisaties zelf uitmaken.

Om rompslomp met bonnetjes te voorkomen kunnen organisaties ervoor kiezen een vast bedrag te geven als tegemoetkoming in de kosten. Als men naast een vaste vergoeding ook de werkelijk gemaakte kosten of een kilometervergoeding krijgt, dan geldt voor het totaal het volgende. De vrijstelling in de vrijwilligersregeling blijft maximaal € 150,- per maand of € 1500,- per jaar.